Het aantal innovatieve bedrijven is in 2024 licht gedaald van 56 naar 55 procent in vergelijking met 2022. Nederland bevindt zich hiermee ruim boven het EU-gemiddelde van 51 procent in dat jaar. Het aandeel van de omzet dat bedrijven hebben behaald met nieuwe en verbeterde producten is met negen procent voor Nederland in 2024 gelijk gebleven. Nederland blijft op dit terrein echter aanzienlijk achter bij het gemiddelde in de EU van dertien procent in 2022.
Aandeel innovatieve bedrijven licht gedaald, maar ruim boven het EU-gemiddelde
Het aandeel innovatieve bedrijven in Nederland kent een wat grillig patroon. Het percentage innovatieve bedrijven steeg in 2016 naar 60 procent, een aanzienlijke verbetering na de dip in 2012 naar 51 procent. In 2018 daalde het weer fors tot 50 procent en in 2020 steeg het tot 56 procent, waarna het in 2022 56 procent bleef en in 2024 licht daalde naar 55 procent. De dip in 2018 heeft een aantal methodologische verklaringen, toegelicht in de metadata onder de figuur.
Nederland heeft nu alweer enige jaren een positie ruim boven het EU-gemiddelde. Dat bedraagt 51 procent in 2022. Het EU-gemiddelde over 2024 is nog niet beschikbaar.
Aandeel innovatieve bedrijven, totaal, 2010-2024 (% van het totaal aantal bedrijven)
Nederland EU-gemiddelde 2010 57% 53% 2012 51% 49% 2014 55% 49% 2016 60% 51% 2018 50% 50% 2020 56% 53% 2022 56% 51% 2024 55% Metingen vanaf 2018 met vernieuwde innovatie-enquête
Het Europese statistische bureau Eurostat vraagt elke twee jaar uitgebreide informatie over innovatieactiviteiten van bedrijven. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) verzamelt deze gegevens voor Nederland en verstuurt hiervoor een vragenlijst naar bedrijven. Vanaf 2018 wordt de innovatie-enquête gehouden volgens een nieuwe methodiek. Er is niet langer een onderscheid tussen technologische en niet-technologische innovatie. Ook het ontwerp van de innovatie-enquête werd vernieuwd. Hierdoor zijn de cijfers vanaf 2018 minder goed te vergelijken met die van eerdere jaren.
In een analyse van het CBS in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) is onderzocht in hoeverre de herziening van de innovatie-enquête een verklaring biedt voor de opvallende dalingen van het aandeel innovatieve bedrijven en het omzetaandeel van nieuwe en verbeterde producten in Nederland in 2018. De analyse toont dat die daling deels is veroorzaakt door het feit dat organisatie- en marketinginnovatie als vormen van niet-technologische innovatie niet meer apart worden uitgevraagd vanaf de enquête over 2018. Dat heeft structureel een neerwaartse invloed op het aandeel innovatieve bedrijven dat gemeten wordt. Voorts heeft een onvolkomenheid in de opzet van de enquête over 2018 tot een eenmalige onderschatting van het aandeel innovatieve bedrijven geleid. Het CBS concludeert daarnaast dat de vernieuwing van de innovatie-enquête geen verklaring biedt voor de daling van het omzetaandeel van nieuwe en verbeterde producten. De analyse van het CBS is hier te vinden.
EU-cijfers 2024
Voor 2024 zijn, met uitzondering van Nederland, nog geen gegevens over andere EU-landen beschikbaar.
Omzet met innovatieve producten stabiel en nog fors lager dan het EU-gemiddelde
In onderstaande grafiek zien we dat in de periode 2014-2018 in Nederland het omzetaandeel van nieuwe en verbeterde producten steeds daalde. Ondanks de bredere definitie daalde dit in 2018 zelfs naar acht procent. Sinds 2020 is er sprake van een doorbreking van die neerwaartse ontwikkeling, met een waarde van negen procent in 2020, 2022 en 2024. De waarde blijft nog wel achter bij de niveaus die in de jaren voorafgaand aan 2018 werden bereikt.
Opvallend is dat Nederland systematisch achterblijft bij het gemiddelde in de EU. Een mogelijke verklaring is dat relatief veel innovatieve Nederlandse producten in andere landen worden geproduceerd (terwijl ze wel in Nederland ontwikkeld zijn). Dan tellen ze niet mee in de omzet van bedrijven in Nederland. Bedrijven doen dat vaak vanuit kostenoverwegingen. Dicht bij de markt produceren heeft ook als voordeel dat je bepaalde kenmerken van het product beter kunt afstemmen op lokale voorkeuren.