Human Capital

Het bedrijvenbeleid is er mede op gericht dat ondernemers en personeel in voldoende mate over de juiste opleiding, talent en ervaring beschikken om zo de innovatie- en  ondernemerschapsmotor te laten draaien. Voor het ontwikkelen van nieuwe producten en diensten zijn goed opgeleide mensen nodig die zijn uitgerust met de juiste vaardigheden. Voor het bedenken van nieuwe businessmodellen zijn ondernemers met ondernemende vaardigheden belangrijk. Ook vraagt de toepassing van nieuwe kennis en technologie om nieuwe vaardigheden bij de mensen die er dagelijks mee moeten werken.

Human Capital: hoe staat Nederland ervoor?

 

Het kennis- en opleidingsniveau, oftewel het ‘menselijk kapitaal’ van de Nederlandse bevolking ligt op een hoog niveau in internationaal perspectief. Dat geldt zowel voor jongeren als voor volwassenen. Nederlandse scoort in internationale ranglijsten goed op human capital. Binnen het onderwijs is er toenemende aandacht voor ondernemende vaardigheden. In Nederland worden relatief weinig technici opgeleid, maar dit aantal neemt wel structureel toe.

1. Vaardigheden Nederlanders

Nederlandse leerlingen staan derde in Europa op het gebied van wiskunde volgens de Programme for International Student Assessment (PISA) van OESO, wat een indicatie is voor een deel van het kennisniveau. Bij ondernemerschapsonderwijs en trainingen voor ondernemers is de kwaliteitsbeoordeling door experts in Nederland een van de hoogste in Europa. (Klik hier voor meer informatie over de beschikbaarheid van vaardigheden)

2. Concurreren op talent

Nederland staat wereldwijd 8e als het gaat om het concurreren op talent. Dit blijkt uit de laatste Global Talent Competitiveness Index (GTCI) van INSEAD 2019. Deze positie is vooral te danken aan het vermogen van Nederland om zelf talent te ontwikkelen en het bieden van groeimogelijkheden voor talent (positie 2). (Klik hier voor meer informatie over het vermogen van Nederland om te concurreren op talent)

3. Aandeel technici in afgestudeerden

Nederland leidt in internationaal perspectief weinig technici op. Afgaand op het aandeel technici onder afgestudeerden in het hoger onderwijs staat Nederland internationaal gezien bijna onderaan, ondanks een stijging van het aantal afgestudeerde technici van 9,9 per 1000 inwoners in 2014 naar 10,3 in 2015. (Klik hier voor meer informatie over het aandeel technici onder afgestudeerden in Nederland)

Human Capital: wat is het beleid?

 

Ondernemers vinden het moeilijk om voldoende, goed geschoold personeel te vinden. Ondernemers noemen dit geregeld als hun grootste knelpunt. Met name bèta-technisch opgeleide mensen zijn schaars. Het belang van goed geschoolde (vak)mensen is groot. Vaardigheden leggen het fundament onder het innovatief en ondernemend vermogen van Nederland. Investeren in menselijk kapitaal is goed voor de ondernemer, zijn of haar bedrijf, de werknemers en de Nederlandse economie. Met nieuwe en al bestaande acties wordt hier vanuit beleid een bijdrage aan geleverd. Dat gebeurt niet alleen vanuit de Rijksoverheid, maar ook in samenwerking met ondernemers, werkenden, onderwijsinstellingen, regionale overheden en andere partijen. Het kabinet zet onder andere via het Techniekpact, MKB-Actieplan, Leven Lang Ontwikkelen en de regio’s in op de versterking van menselijk kapitaal in Nederland.

Techniekpact

In internationaal perspectief leidt Nederland relatief weinig technici op. Dat kan leiden tot schaarste op de arbeidsmarkt en verzwakking van het innovatievermogen. Met de voortzetting van het Techniekpact door het kabinet investeert Nederland in een betere arbeidsmarkt en in zijn kenniseconomie. De acties in het Techniekpact hebben als doel het tekort aan technisch geschoold personeel terug te dringen en bèta-, technische en technologische vaardigheden van iedereen te versterken. Deze vaardigheden zijn essentieel bij het oplossen van maatschappelijke uitdagingen, bijvoorbeeld op het gebied van de energie- en klimaattransitie en digitalisering, en maken ook steeds meer deel uit van functies in andere dan de technische sectoren. De voortgang van het Techniekpact wordt jaarlijks kwantitatief beschreven in de Monitor Techniekpact (klik hier) en de voortgang op de acties van de betrokken partijen (overheden, regio's, onderwijs, werknemers, werkgevers en brancheorganisaties) in de jaarlijkse voortgangsrapportage 'Nationaal Techniekpact 2020' (klik hier).

MKB-Actieplan om mkb-ondernemers te ondersteunen bij toekomstige uitdagingen

Binnen het MKB-Actieplan is menselijk kapitaal één van de belangrijke pijlers. De acties binnen het MKB-Actieplan zijn erop gericht om mkb-ondernemers te helpen bij het vinden en behouden van geschikt personeel. Er wordt ingezet op het verbeteren van de leercultuur (o.a. via MKB!dee en Leven Lang Ontwikkelen), het verbeteren van de samenwerking tussen mkb en onderwijs (o.a. via het Regionaal Investeringsfonds en de subsidieregeling Praktijkleren), het stimuleren van ondernemerschap (o.a. via het programma O2LAB en NLGroeit (klik hier)) en het moderniseren van wet- en regelgeving arbeidsmarkt (o.a. loondoorbetaling bij ziekte). De voortgang van het MKB-Actieplan wordt beschreven in de voortgangsrapportage ‘MKB-Actieplan’ (klik hier). In het najaar van 2019 wordt gewerkt aan een monitor voor het MKB-Actieplan.

Leven Lang Ontwikkelen

Het kabinet wil een doorbraak realiseren op het gebied van een Leven Lang Ontwikkelen (LLO) en een positieve en sterke leercultuur tot stand brengen. Kern van de voorgestelde aanpak is het stimuleren van de eigen regie van mensen op hun loopbaan en hun leven, zodat ze zich kunnen blijven ontwikkelen en hun eigen keuzes kunnen maken. Daarnaast beoogt LLO bij te dragen aan een soepel functionerende arbeidsmarkt. Het kabinet wil daarom van «repareren» naar «vooruitkijken»: mensen moeten zich niet pas scholen bij werkloosheid of dreigend baanverlies, maar leren en ontwikkelen zien als vanzelfsprekende onderdelen van hun werk en hun leven. Hiertoe heeft het kabinet een interdepartementaal actieprogramma (OCW, SZW en EZK) gestart, waarbij o.a. de scholingsaftrek omgevormd zal worden tot een publiek leer- en ontwikkelbudget, het zogenoemde «STAP-budget» (STimulans ArbeidsmarktPositie). De voortgang van de acties wordt regelmatig beschreven in brieven aan de Tweede Kamer.